Programmapunten aneia:

1. Veiligheid / droge voeten.

  • De veiligheid van dijken, sluizen, stuwen etc. en het zorgen voor droge voeten blijft de meest belangrijke taak van het waterschap.


2. Goed peilbeheer.

  • Het peilbeheer van het waterschap dient niet alleen of in hoofdzaak afgestemd te zijn op de belangen van de agrarische sector, maar dient in evenredigheid ook afgestemd te zijn op de belangen van de natuur, de ingezetene, recreatie etc. en voorop dient te staan dat het peil ongeacht langere perioden van droogte en perioden met heftige buien beheerst wordt op een juiste wijze voor al deze belanghebbende.


3. Schoon water.

  • Het waterschap dient zorg te dragen dat alle oppervlaktewater zo schoon mogelijk wordt. Dat het in contact komen met water, door gebruik, recreatie, zwemmen etc niet lijdt tot gezondheidsschade. Maar ook moeten ze zorgen voor voldoende zoetwater. 


4. Scheiden van riool en hemelwater binnen 10 jaar, als een van de bijdrage aan klimaatadaptatie.

  • Het waterschap afzonderlijk en de unie van waterschappen gezamenlijk, moeten er bij de plaatselijke en de provinciale en vooral bij de rijks-overheid op aandringen om wet- en regelgeving te maken, waarbij een scheiding van hemelwater en rioolwater zo mogelijk binnen 10 jaar wordt gerealiseerd. Zo mogelijk met een boete clausule voor gemeente die dit niet in voldoende mate realiseren, of overstorten naar open water hebben van ongereinigd rioolwater na heftige buien. Het vrijkomend schoon hemelwater dient aangewend te worden voor de agrarische sector, recreatieve bestemmingen , zoals verwoord o.a. onder punt 5 en voor het doorspoelen van stromen die in onvoldoende mate voldoen aan de wensen van schoon water. (Bijv bij blauwalg, botulisme e.d. uitbraak).


5. Recreatieve waterplas bij elk dorp / stad.

  • Bij elke dorp of stad dient binnen 15 jaar een recreatieve waterplas (basin, of iets dergelijks ) aangelegd te worden, waar hemelwater opgevangen kan worden en waar een recreatieve bestemming aan wordt gegeven. (zwemplas, modderspeelplaats, drijvende volkstuinen, visplas, natuurvijver e.d.).

6. Beken en plassen beter bereikbaar maken voor de recreant.

  • Beken en plassen liggen nu nog vaak onbereikbaar voor de gewone burger of recreant door dat ze verscholen liggen achter hekken, afgesloten (natuur)terreinen of agrarische bestemmingen. Beken en plassen moeten makkelijker bereikbaar zijn voor wandelaars en (in beperktere mate) voor fietsers, om recreatief te kunnen genieten. Van de andere kant moet gewaakt worden dat kwetsbare natuurgebieden tegen over-recreatie worden beschermd.


7.De vervuiler betaald en de baathebber betaald.

  • De kosten voor een vervuilingseenheid voor een burger, bedrijf, gemeente of agrarische onderneming dienen gelijk te zijn. Het principe van de vervuiler betaald moet gehandhaafd worden. Verder dienen baathebbers een redelijke vergoeding te betalen voor het genot dat ze genieten. Dat kunnen agrarische bedrijven zijn voor  een gunstiger peil aanhouden, grondwater oppompen, of een recreatie/horecaondernemer die baat heeft bij waterrecreatie.


8. Investeringen op herwinnen van energie en (grond-)stoffen op waterzuiveringen.

  • Investeringen die waterschappen doen op waterzuiveringen, moeten bijdrage aan het verbeteren van het zuiveringsproces, terugwinning van grondstoffen, beperken van schadelijke invloeden en binnen een redelijke termijn terug verdiend kunnen worden, inclusief de beheerskosten, en mogen niet leiden tot een verhoging van de zuiveringsbijdrage.
  • Samen met belangen groepen moet gestreefd worden naar voorkomen van verontreiniging. Een goed voorbeeld is het voorkomen van medicatie in ons afvalwater bij ziekenhuizen. Het waterschap moet hier actief aan meewerken door informatie te delen, beheerstappen mee te ontwikkelen, en initiatieven met andere te ontwikkelen zodat overschotten van medicatie veilig verzameld en verwerkt kunnen worden en zodoende niet meer in ons afvalwater komen. Medicatie die via de urine in het water komt is vooralsnog een probleem, maar ook daar moet gezocht worden naar oplossingen.

 
9. Voorlichting, informeren en meer bewust maken van jeugd en volwassenen.

  • Het waterschap moet zich nog actiever begeven in de maatschappij, middels voorlichting, educatie, samenwerking met belangengroepen om hun doelen te verduidelijken en te behalen. Vooral het winnen van de jeugd is belangrijk, daar veel plannen pas over 10 of meer jaren gerealiseerd kunnen worden. Dan is de jeugd van nu de jongvolwassenen die hun kinderen weer moeten stimuleren om iets goeds van de wereld te maken. Om te zorgen dat de wereld beter wordt. Een belangrijke taak om de wereld leefbaar te houden en bij te dragen aan een bredere biodiversiteit.


10. Geen ongezuiverd rioolwater meer op open water storten binnen 10 jaar, ook niet bij heftige regenval.

  • Er moet een landelijk verbod komen op het lozen van ongezuiverd water op open water. Ook in afgelegen gebieden dient water gereinigd te worden, bijv door heliofytenfilters e.d., voor lozing. Elke lozing hoe klein ook tast de biosystemen aan, en dient derhalve te worden voorkomen. Verder dient er een drastische terugdringing plaats te vinden van verontreiniging van open water door uitspoelen van agrarische gronden. Denk aan gewasbeschermingsmiddelen, kunstmest, Nitraat etc.

11. Intensieve bestrijding van invasieve en exotische planten en dieren in en rond het water.

  • De normale ecologische nederlandse systemen moeten zoveel als mogelijk is blijven bestaan. Het waterschap moet op eigen grond en in en om het water al het mogelijke doen om invasieve en exotische planten en dieren te bestrijden, ter handhaving van de nederlandse ecologische systemen. Het beleid en de activiteiten moeten erop gericht zijn dat invasieve planten en dieren bestreden worden en zeker niet aan uitbreiding winnen. Het maaien van bijv. sloot en beekranden waar bijv Japanse duizendknoop of springbalsum groeit draagt minder bij aan verspreiding, maar is minder effectief dan totale verwijdering van plant en wortels. Dit laatste zou o.a. handmatig gedaan kunnen door het instellen van werkgroepen van vrijwilligers die deze planten willen bestrijden alle steun en middelen te geven die hiervoor wenselijk is. Het openen van een meldpunt van dergelijke planten of dieren of het opvragen en verwerken van meldingen van bij andere instanties bekende meldingen kan hier positief aan bijdragen. Niets doen of te weinig doen zou geen optie moeten zijn. Zorg voor samenwerking.

12. Meer aandacht voor recreatie bij het water, spelen, vissen, zwemmen, naturisme, watersport.

  • Alle inkomsten van de waterschappen komen uit de belastingen van de ingezetenen, onbebouwd en bedrijven en overheid. Het water is dus van en voor iedereen. En een ieder moet op een evenredige wijze van zijn bijdrage nut hebben van zijn betaling. Voor wat hoort wat. Waterpartij aneia is er van overtuigd dat de burger (ingezetene / bebouwd) in verhouding te veel betaald of er te weinig voor terug krijgt, en wil in deze verdeling graag verbeteringen aanbrengen. Dit is nog een lange weg, maar is de basis voor het oprichten van de vereniging en een van de hoofdpunten uit ons programma.

Aan toegevoegde reclame op deze pagina kunnen we helaas niets doen.